Gezondheid

Boosterprik kan dan toch veel sneller

Het tijdsinterval tussen de tweede en derde prik, de boosterprik dus, van de mRNA-vaccins van Pfizer en Moderna kan worden teruggebracht tot 4 maanden. Dit is wat de taskforce Vaccinatie aanbeveelt aan de ministers van Volksgezondheid (IMC). Gezien de situatie adviseert de taskforce om de uitnodigingen voor vaccinatie te sturen vier maanden na volledige basisvaccinatie met Pfizer of Moderna. 

De deadlines van twee maanden voor Johnson & Johnson en vier maanden na het vaccin van Astra Zeneca zouden ongewijzigd blijven, is woensdagavond vernomen uit goede bron. Aan Waalse kant luidt het dat 'we de wetenschappelijke adviezen zullen volgen': die van de taskforce vaccinatie, maar ook die van de Hoge Gezondheidsraad en het EMA, het Europees Geneesmiddelenagentschap, die allemaal voorstander zijn van het verkorten van de termijnen in het licht van de opkomst van de omikronvariant, luidt het op het kabinet van bevoegd minister van Volksgezondheid, Christie Morreale. 

De vaccinatie van kinderen tussen 5 tot 11 jaar, die ook het onderwerp was van een advies van de Hoge Gezondheidsraad, zal deze woensdagavond nog niet worden besproken. Uit goede bron is vernomen dat dit advies bijzonder voorzichtig is vanwege het ontbreken van een wetenschappelijke basis in dit stadium om vaccinatie aan te moedigen, behalve voor de meest kwetsbare kinderen. De keuze om te vaccineren zou worden overgelaten aan ouders en verzorgers.

Foto Belga