Nieuws

Lantis wil vleermuizen weghalen uit Sint-Annabos

Met een studie wil Lantis, de bouwheer van de Oosterweelverbinding, nagaan in welke bomen in het Sint-Annabos en het Noordkasteel vleermuizen verblijven. Zo kan Lantis maatregelen nemen om de dieren naar een alternatieve verblijfplaats te verhuizen. Dat is nodig aangezien de bomen staan in een gebied waar weldra de voorbereidende werken voor de Scheldetunnel opstarten en vleermuizen beschermde dieren zijn.

“De Schelde is voor vleermuizen een belangrijke migratieroute”, legt Koen Maes, Expert natuur bij Lantis uit. “Soorten zoals de ruige dwergvleermuis komen vanuit Oost-Europa en trekken richting zuiden om te overwinteren. Ze verblijven overdag liefst in bomen langs rivieren of kanalen. Andere soorten overwinteren dan weer in forten of bunkers. Doordat vleermuizen beschermd zijn, mogen we geen bomen rooien waarin ze verblijven. De vleermuizen die toch in een boom wonen, moeten we dus eerst verhuizen. Om een zicht te krijgen op het aantal vleermuizen en hoe we hun verhuis best aanpakken, loopt er dus nu een studie.” 

De studie wordt in opdracht van Lantis uitgevoerd door studiebureau Greenspot uit Merelbeke. Uitgerust met een vleermuisdetector, een warmte- en een boomcamera controleert Bart Opstaele, ecoloog bij studiebureau Greenspot, de bomen in de toekomstige werfzone van de Scheldetunnel. Dat gebeurt na zonsondergang en in de vroege ochtend wanneer de vleermuizen actief zijn.  “Vleermuizen die rondvliegen en op zoek zijn naar voedsel, slaken hoge tonen uit die voor ons onhoorbaar zijn. Die vangen we op met de vleermuisdetector. Zo weten we dat er vleermuizen actief zijn in het gebied", legt Opstaele uit. Twee uur voor zonsopgang gaan we met de warmtecamera aan de slag. Dan scannen we de bomen op vleermuizen. Na een actieve nacht geven ze voldoende lichaamswarmte af om ze te detecteren. Dat gaat niet als de dieren al in winterslaap zijn. De boomcamera gebruiken we om effectief in de boomspleten te kijken.” 

Alternatieve verblijfplaatsen

Eens het aantal vleermuizen in kaart is gebracht, wordt bekeken hoe de dieren het minst verstoord worden tijdens de verhuisoperatie. Daarvoor zijn er verschillende manieren. Is er in de bomen een holte waarin vleermuizen zitten, dan wordt er een luikje voorgehangen. Zo kan de vleermuis ‘s avonds nog naar buiten, maar niet meer naar binnen. Bij moeilijk bereikbare holtes moet de boom blijven staan tot het voorjaar of gekapt worden en verhuisd samen met de vleermuis. Tijdens het onderzoek wordt er ook gecontroleerd op potentiële vleermuisbomen. Dat zijn bomen met holtes en spleten waarin vleermuizen zich na het onderzoek toch nog zouden kunnen vestigen. Om dat te vermijden, worden die bomen half oktober mee verwijderd.  

De vleermuizen die op zoek moeten naar een nieuwe verblijfplaats kunnen terecht in de vleermuisnestkasten die Lantis zowel op Linker- als op Rechteroever heeft voorzien. Ook de gemeente Zwijndrecht stelt hiervoor bos ter beschikking. Zo werden er tientallen vleermuiskasten in het Neuzenbergbos en het Vredesbos gehangen. Op langere termijn komen er ook nog 3 vleermuisbunkers: aan het toekomstige ecoduct op Linkeroever, ter hoogte van de geplande kluifrotonde van Waaslandhaven-Oost en aan het Noordkasteel op Rechteroever. 

Start voorbereidende werken Scheldetunnel

Zodra de vleermuizen verhuisd zijn kan de aannemer dit najaar starten met het bouwklaar maken van de toekomstige werfzone voor de Scheldetunnel. Die vertrekt ongeveer ter hoogte van het Noordkasteel en komt weer boven op Linkeroever tussen Blokkersdijk en het Sint-Annabos. Als alles volgens planning verloopt dan zijn de werken aan de derde Scheldekruising klaar in 2027. 

(Bron en foto: © Lantis)